(Bewogen) Geschiedenis van spoorlijn 73. In dit kort overzicht willen wij U graag een overzicht geven van het ontstaan en de geschiedenis van de spoorlijnen tussen Deinze-Lichtervelde-Diksmuide-Veurne-Dunkerque(Frankrijk). De volledige versie is verschenen, naar aanleiding van "130 jaar spoorwegen te Veurne" in 1988 in het tijdschrift "Bachten de Kupe". U hoeft het daar niet meer te zoeken, want deze oplage was in de kortste keren uitgeput en werd niet meer herdrukt. Toch wil "T73" de liefhebbers daarvan de hand reiken. Zij is in het bezit van het origineel manuscript en heeft van de opzoekers/schrijvers de toelating gekregen om dit te verspreiden, tegen vergoeding. Interesse voor de volledige tekst? Laat het ons per e-mail weten, en U ontvangt per post en tegen kostprijs, verzendkosten inbegrepen (5 euro) een copie.

U las het goed : in de aanhef tot deze geschiedschrijving had ik het over "spoorlijnen", want de spoorlijn van Deinze tot Dunkerque kwam er in verschillende lijntjes : Deinze-Tielt, Lichtervelde-Veurne, Veurne-Dunkerque, Diksmuide-Nieuwpoort en Tielt-Lichtervelde ontstonden op verschillende data!!!

De "Yzeren weg" Lichtervelde-Diksmuide-Veurne. Een eerste confrontatie van Veurne met de Yzeren weg dateert uit geschriften van 1835 voor een spoor van Oostende over Nieuwpoort en Veurne naar Dunkerque. Toch kregen de eerste projecten pas gestalte in 1845. De "Moniteur Belge" vermeldt een Koninklijk Besluit van 22 mei 1845 voor een vergunning tot een spoorweg van Brugge naar Kortijk en van Ieper naar Poperinge, met een aftakking Ingelmunster naar Tielt en een andere van Lichtervelde naar Diksmuide. Eind 1845 was nog een concessie gegeven voor het spoor van Diksmuide naar Veurne. Vlug na de goedkeuring startten de werken tussen Brugge en Kortrijk, en twee jaar later (1848) reed de eerste trein er. Maar er was een economische crisis opgekomen, en de aandeelhouders van de "Société Anonyme des Chemins de Fer de la FLandre Occidentale" verzaakten aan de aanleg van de andere spoorlijnen in West-Vlaanderen. Korte tijd later, in 1851, zou de jonge Belgische Staat daar wat aan doen. Via het Staatsblad van 15 januari 1852 riep de overheid de private ondernemers op om de spoorverbinding Lichtervelde - Veurne aan te leggen. Een kapitaal van vijf miljoen frank werd daarbij ter beschikking gesteld. Slechts in december 1855 werd de concessie gevraagd door ene Thomas Green (London). Begin 1856 keurde de overheid deze aanvraag goed, en bepaalde in een overeenkomst dat de nodige gronden voor een dubbelspoor moesten onteigend en aangekocht worden. Toch legde de maatschappij maar een enkelspoor aan tussen Lichtervelde en Veurne over Kortemark,Handzame, Zarren, Esen, Diksmuide, Oostkerke en Avekapelle. Tevens werd voorzien dat het werk binnen de drie jaar klaar moest zijn. In die contekst stichtte Thomas Green zijn "Compagnie du Chemin de Fer de Lichtervelde à Furnes".

Begin 1857 werden in Lichtervelde de werken gestart, en rond de jaarwisseling 1857/58 werd Veurne bereikt. Op zondag 21 maart reden de eerste (goederen)treinen van Lichtervelde naar Diksmuide. De krant "Burgerwelzijn" (Diksmuide) omschreef het zo : "Honderden nieuwsgierigen - door het geschuifel der tenders gewaarschuwd - waren als op enen toverslag rondom de statie vergaderd om de trein van een twaaftal wagons met zand geladen, te zien aankomen. Sinds zondag komen er dagelijks wel tien treinen toe, geladen met zand, voor de verzanding der baan".



Op 9 mei 1858 werd de spoorlijn Lichtervelde - Veurne plechtig ingehuldigd. Het was de Diksmuidse burgemeester De Breyne-Peellaert die het feest mocht organiseren, want niet te Veurne, maar in Diksmuide werd er twee dagen lang gefeest. Natuurlijk was de feesttrein toch eerst tot in Veurne gereden. Uit de kranten van toen lezen we dat de burgemeester van Oostkerke, toen de trein daar halt hield, het gezelschap "in het Vlaamsch" had toegesproken, maar dat de Minister van Openbare Werken hem promt in het "Vlaamsch" had geantwoord. Ook lezen wij dat in Veurne de burgemeester Vanderheyde het gezelschap verwelkomde en dat toen in stoet door het bevlagde Veurne tot aan de Gotische stadszalen was gewandeld. Al de tijd dat het hoog gezelschap te Veurne vertoefde, luidde de klok "het bombtje" vreugdeklanken boven de stad. Toen de genodigeden per trein weer in Diksmuide aankwamen, werd daar een banket aangeboden voor 150 personen. Er was immers in de tuinen van de heer Bortier een reusachtige tent geplaatst voor deze gelegenheid! Voor de inwoners van Diksmuide was er op de Grote Markt een festival voorzien. De volgende dag mochten honderd werkmensen aan een eretafel aanschuiven en om 21 uur werd het feest afgesloten met vuurwerk!

Voor de exploitatie van de lijn waren veertig wegwerkers en spoorleggers in dienst en twee machinisten beschikten over drie tender-locomotieven, besteld bij Saint-Léonard te Liege. Het waren de nummers 128, 129 en 130 en hun doopnamen waren Lichtervelde, Dixmude en Furnes. In 1878 werd de lijn overgenomen door de Belgische Staatsspoorwegen en kregen de tender-locs nieuwe nummers : "175" (goed voor nog eens vijftigduizend kilometers) en "227" (goed voor nog vijvenveertigduizend kilometers) en de "468", die onder dat nummer niet meer had gereden. De lijn beschikte daarnaast over twaalf reizigersrijtuigen, drie pakwagens en vierentwintig goederenwagens. De capaciteit per trein was 428 plaatsen, verdeeld in eerste klas (dilligences), tweede klas (char-à-bancs) en derde klas (wagons). Er reden zes treinen per dag en twee wachters voerden per rit de controle uit. Tussen 1858 en 1866 deed er zich op het totaal vervoer van meer dan één miljoen reizigers geen enkel ongeval voor!!

Een spoorweg van Veurne naar Duinkerke in Frankrijk. In 1855 richtte het West-Vlaamse provinciebestuur een schrijven naar het Ministerie van Buitenlandse Zaken om een spoorverbinding te vragen naar Duinkerke. Blijkbaar met enig resultaat, want in de kranten van september 1858 stond dat er in Nieuwpoort mensen aan het werk waren "ten einde over te gaen tot de metingen en opmaken van plans, voor het daerstellen van eenen regtstreekschen yzeren weg, van Oostende door Nieuwport, naer Duinkerke". Op een onduidelijke kaart uit 1865 vinden we inderdaad zo een spoorweg uitgetekend. Hoe het in de Kamers afliep is niet geweten, maar we weten wel dat de eerste resultaten kwamen van Franse zijde!!! Een verordening van de Franse regering stond op 18 april 1862 de aanleg toe van een spoor tussen "Dunkerque" en de Belgische grens in "Adinkerque". Aan Belgische kant werd in een Koninklijk Besluit (12 maart 1863) aan August Petyt (uit Duinkerke) de vergunning gegeven voor de spoorweg van Veurne naar Adinkerke-grens. Daartoe werd de "Société Anonyme du Chemin de Fer de Gand à Dunkerque" gesticht (Moniteur Belge 31.10.1864). Het tijdsverloop van de uitvoering, eerst op drie jaar bepaald, werd tweemaal verlengd, en dat in 1866 en in 1867. In 1865 startten de werken aan de spoorwegbrug te Veurne en op donderdag 10 februari 1870 was de verbinding volledig klaar en reed de trein over een enkelspoor van Lichtervelde over Diksmuide en Veurne naar Duinkerke.

1895 : een nieuw stationsgebouw voor Veurne! Stilaan voldeed het Veurnse station niet meer aan de behoeften en er werd, door toedoen van de Burgemeester Daniël De Haene, meer en meer aangedrongen in Kamer en Senaat, om een nieuw station te bouwen. Ingenieur-architect Wisseleer tekende de plannen en op 12 april 1893 werden de eerste werken aanbesteed (grondwerken voor aannemer Maetelare). In 1894 kreeg Van Wassenhove de metselwerken en Gobin de voltooiingswerken. Op zondag 25 augustus 1895 werd het nieuwe (huidige) stationsgebouw, samen met de gerestaureerde stadsgebouwen, plechtig ingehuldigd : Omstreeks 11 uur waren tal van Ministers, de West-Vlaamse gouverneur en vertegenwoordigers van Ministers per trein aangekomen te Veurne. De ganse gemeenteraad, verschillende volksvertegenwoordigers en andere overheden ontvingen de prominenten, er werd gespeacht en de nieuwe "spoorhalle" (volgens de kranten van toen) werd ingehuldigd. In stoet trokken de verenigingen met de genodigden door de bevlagde straten van Veurne. Er had een groot banket plaats. Gans Veurne feestte, want in de namiddag was er een muziekfestival op verschillende kiosken en de pompierskorpsen hielden schieting. 's Avonds had nog een concert plaats, gegeven door de harmonie van Duinkerke, die nota bene, 's voormiddags reeds het Belgisch Volkslied had gespeeld bij de verwelkoming der prominenten!! Dank zij het uitzonderlijk mooi weer, was dit, volgens alle kranten van toen, het hoogtepunt in de Veurnse geschiedenis!

De wereldoorlogen en de gevolgen voor de spoorlijn tussen Lichtervelde en Duinkerke. Toen in 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbrak, werd ons land, met uitzondering van het gebied ten westen van de Yzer en de Ieperlee, door de Duitsers bezet. Naarmate de dagen verstreken, werden de spoorwegen in West-Vlaanderen drukker. Nochtans was de verbinding met Duinkerke nog steeds een enkel spoor en een goede verstandhouding tussen de Belgische en de Franse spoorwegen was onontbeerlijk. Toch valt het op hoe de Franse Compagnie du Nord weinig hulp bood om het Belgische spoorwegmaterieel te beveiligen tegen de bezetter. Reeds op 28 augustus 1914 meldde de Compagnie du Nord dat ze geen Belgisch materieel kon ontvangen, wat tal van keren werd herhaald. Vanaf 29 september was er nog enkel spoorverkeer in West- en Oost-Vlaanderen. De enige verbinding met Frankrijk die open bleef was over Veurne en Duinkerke, maar deze lijn was overbelast door het aanvoeren van militairen. Op 15 oktober 1914 werd de spoorbrug te Zarren gebombardeerd en 650 locomotieven vielen daardoor in vijandelijke handen. Dit zonder te spreken over het aantal wagens dat zo verloren werd voor onze troepen!! Maar vanaf 1915 werd vanuit Duinkerke gewerkt aan de heropbouw van de spoorwegen : daardoor kwam in 1917 het gedeelte Duinkerke-Veurne-Avekapelle (net achter het front) op dubbelspoor. Ook werden in de Westhoek tal van nieuwe enkelspoorlijnen aangelegd, met als voornaamste Adinkerke-Poperinge. Hiervoor werd zand ontgonnen in de duinen van De Panne. In 1919, toen het oorlogsgeweld geluwd was, werden alle sporen volledig hersteld en werd het dubbelspoor, dat vanuit Duinkerke tot in Avekapelle was gelegd, verder doorgetrokken tot in Kortemark. Het gedeelte tot Lichtervelde kwam maar aan de beurt in 1927. De Tweede Wereldoorlog zorgde er in 1942 voor dat het dubbelspoor tussen Diksmuide en Duinkerke terug werd uitgebroken. De reden was, dat de Duitsers de spoorstaven gebruikten voor de aanmaak van oorlogstuig! Na 1945 bleef er een enkelspoor bestaan, daar het reizigersverkeer tussen Duinkerke en Adinkerke danig verminderde. Het kwam zo ver dat beslist werd om op 27 september 1958 de verbinding te vervangen door een busdienst van een Franse busmaatschappij. De jongste geschiedenis van dit gedeelte van het spoor, is gedeeltelijk door Trekhaak 73 gemaakt, en leest U onder een ander hoofdstuk. Een stukje spoor tussen Adinkerke (wat intussen in het spoorboekje "De Panne" werd genoemd) en net voor het station van Koksijde werd in 1996 een tweede spoor gelegd, naar aanleiding van de electrificatie van lijn 73, en dat om de treinen beter te laten kruisen. Vermeldenswaard is dat er in het station van Veurne twee sporen zijn blijven liggen, en dat na tussenkomst van enkele politici en ook na aandringen van T73. En nu de grenzen voor vrij spoorverkeer op 15 maart 2003 open gingen, werd uitgerekend gedurende dat weekend, het rechtstreekse spoor tussen spoorlijn 73 richting Franse grens uitgebroken in De Panne! Alleen via de spoorbundel (en tal van wissels), kan er nog gespoord worden tussen lijn 73 en Frankrijk, volgens insiders een bewuste keuze van onze overheden om grenspunt Adinkerke/Bray-Dunes te boycotten aan Belgische kant!!!! Opzoekingen en teksten : Patrick Huys en José Plesier. Copyright : alleen na e-mail toelating kunnen teksten en delen van deze teksten worden overgenomen.